terug naar de homepage van de paddentrek

Handleiding oversteek


Materialen, Methoden en aandachtspunten

Algemene informatie over onze padden

Determinatie gids

Beste vrijwilliger,

Allereerst van harte welkom en bedankt dat U zich (weer) wil inzetten voor de amfibieën tijdens de jaarlijkse voorjaars­trek.

Tijdens deze trek worden op wegen vele slacht­offers gemaakt door het verkeer. Niet alleen padden maar ook kikkers (zelfs boomkikkers) en salamanders worden doodgereden. Be­schermende maatregelen zijn dus noodzakelijk. Daarom zullen plastic schermen ge­plaatst worden langs de weg met in de grond gegra­ven emmers. In deze emmers worden de trekkende dieren opgevan­gen. Hier is het ook dat de vrijwilliger om de hoek komt kijken. Wat gaan we doen?

Tweemaal daags gaan wij deze emmers langslopen en leegmaken. Probeer tij­dens het werken alert te zijn op dieren in de buurt van de schermen en em­mers. Neem deze dieren ook mee en registreer ze. Kijk de emmers goed na, want bv. salamanders kunnen erg klein en donker van kleur zijn. De opgevangen dieren worden vervolgens in een losse verzamelemmer bewaard en de weg overgedragen, waar ze op nader te vernemen plekken weer de vrijheid krijgen. Doe niet teveel dieren in één emmer en zet ze voorzichtig terug­. Het welzijn van de dieren moet voorop staan. De aantallen dieren kunnen per keer sterk ver­schillen. Dit heeft alles te maken met de weersom­standigheden van die dag.

Er worden door jullie inzet in elk geval vele waardevolle en nuttige dierenlevens van een gewisse dood gered. Daarom is dit werk ook zo belangrijk. Bovendien heeft U zo de gelegenheid om nader kennis te maken met deze fascinerende dieren en één en ander over ze te weten te komen.

Wij hopen, samen met jullie, met veel plezier en enthousiasme deze klus te klaren.

 

Materialen, methoden en aandachtspunten

Hieronder kunt U in het kort iets lezen over de methode en de materialen zoals wij die gebruiken bij het overzetten van amfibieën in de Doort te Echt en bij Schrevenhof te St. Joost. 

MATERIALEN

Het scherm bestaat uit stevige kozijnfolie van 30 cm hoog en 3 mm dikte. Deze folie is verkrijgbaar op rollen van 20 meter. De folie wordt geplaatst in een sleufje van een enkele centimeters diep en vastgemaakt in de grond met zelf (IKL) vervaardigde (klem)ijzers. Afhankelijk van de ondergrond zit er om de ca. 5 meter een ijzer. De emmers (verzameld bij lokale bakkerijen, ziekenhuizen e.d.) hebben we variërend op een afstand van 5 tot 15 meter ingegraven. In de bodem van de emmers zijn voldoende gaatjes (doorsnee 4,2 mm) geboord om regenwater weg te laten zakken. Aan de wegzijde van de schermen hebben we om de 20 tot 25 meter ook emmers ingegraven om eventuele "dwaalgasten" op te vangen. In elke emmer is bovendien een stok geplaatst om bijvangsten, zoals muizen, een uitweg te bieden. De gekozen materialen zijn vrij duurzaam en kunnen jaren hergebruikt worden.

METHODE

Elke dag worden de dieren vanaf 8.00 uur 's morgens en 21.30 uur 's avonds uit de emmers gehaald, geregistreerd en in een verzamelemmer op een geschikte locatie weer vrijgelaten. Op het registratieformulier worden de volgende gegevens bijgehouden: soort; (pad, groene kikker, bruine kikker, boomkikker, watersalamander, kamsalamander en overig (overige soorten, bijvangsten, bijzonderheden, afwijkingen etc.)). Bovendien noteren we: datum, dagdeel, medewerkers, neerslag en temperatuur. Omdat het scherm niet de hele weg beveiligt worden elke morgen  de dode exemplaren geteld en van de weg verwijderd om dubbeltelling te voorkomen.

 

 

 

 

top  home

  AANDACHTSPUNTEN:
  • Aanvang s'-morgens om 8 uur, s'-avonds om half 10 tenzij uitdrukkelijk anders afgesproken.
  • Zorg zelf voor een zaklantaarn.
  • Draag altijd het reflecterende veiligheidsvest, ook 's morgens.
  • Let goed op het verkeer, met name met oversteken.
  • Er wordt vaak hard gereden.
  • Let er op dat veiligheid van jezelf en je partner voor alles gaat.
  • Draag laarzen of waterdicht schoeisel.
  • Zorg voor warme kleding en regenkleding.
  • Met een paraplu kan men bij regen het registratieformulier droog houden en vergemakkelijkt het noteren.
  • Neem pen en/of potlood mee. Potlood schrijft ook als het papier nat is.
  • Neem indien mogelijk een mobiele telefoon mee, zodat je altijd kan bellen indien dit nodig mocht zijn.
  • Deelname geschiedt volledig op eigen risico, de organisatie is niet aansprakelijk te stellen.
  • Heb veel plezier en geniet van het goede werk dat je doet.
  • Van padden krijg je geen wratten (dit is een fabeltje).

Er zal in groepjes van twee personen gewerkt worden. Ga niet zonder medeweten van degene die aan de beurt is alvast over­zetten. Dit voorkomt verwarring en misschien teleurstelling bij de mensen die later komen. Kijk of je eventueel samen naar de overzetlocatie kunt gaan. Op St. Joost starten we altijd bij de boerderij Schrevenhof (Schrevenhofsweg), tegenover het voetbalterrein van St. Joost. Hier kunt U ook de auto parkeren. In de Doort starten we bij de observatiepost "de Wiele­waal" (het stenen huisje langs de Middelsgraaf). Rij voorzichtig naar deze locatie toe, want vanaf de bebouwde kom kunnen hier al dieren op de weg zitten.

Het is de bedoeling om 's avonds vanaf 21.30 uur te starten met ledigen van de emmers. 's Morgens wordt er vanaf 8.00 uur gestart. Indien je een keer echt niet kunt probeer dan zelf iets te regelen. Zorg zelf voor een vervanger of probeer met iemand te ruilen. Doe dit echter tijdig. Neem dan ook even contact op met Resi Aerts, zodat ook wij weten wie er op dat moment aan het werk is. De start is ieder jaar afhankelijk van het weer, maar hierover ontvangen jullie tijdig bericht. Wanneer de trek zal eindigen is moeilijk te voorspel­len. Vermoedelijk begin april.

Heb je vragen, op-/aanmerkingen of suggesties, laat het ons dan gerust weten.

Bekijk vooraf de determinatiegids zodat je de verschillende dieren goed herkent. Wij zullen de Gewone pad en diverse kikker- en salamandersoorten in de emmers aantreffen. Pro­beer zo goed mogelijk te determineren en noteer de aantallen op het registratieformulier. Noteer ook de datum, jullie namen, de weersomstandigheden en de temperatuur. Mochten er twijfel­gevallen zijn over de soort hou deze dan even vast en probeer de meer ervaren mensen hier even naar te laten kijken. Dit alles kan voor de toekomst enorm waardevol zijn. Let erop dat in elke emmer een stokje zit welke lang genoeg is om bijvang­sten (muizen) een uitweg te bieden. De padden zullen erop deze manier niet uit kunnen komen. Indien er toch bijvangsten in een emmer zitten noteer dan wat (indien mogelijk de soortnaam) en het aantal op het registratieformulier. Eventueel het dier weer de vrijheid geven.

Mochten er onverhoopt slachtoffers op de weg liggen, probeer dan na te gaan hoe dit kan gebeuren (het plastic kan bv. ergens kapot zijn). Noteer ook deze beesten en in welke richting deze dieren zijn gelopen. Hierna de beesten in de berm leggen, dit in verband met dubbeltelling de dag erna.

In het begin van het seizoen zal er altijd iemand aanwezig om nieuwe vrijwilligers te begeleiden en in te werken.

Wij wensen jullie veel plezier en succes.

Met vriendelijke groeten,

Natuur Historische Vereniging Pepijnsland Echt,

Resi Aerts
Math Clerx
Wim Corten

Algemene informatie over onze padden

DE LEEFGEWOONTEN VAN DE GEWONE PAD

De inheemse amfibieën bewonen tijdens het kalenderjaar ver­schillende­ gebieden. Afhankelijk van de soort kunnen deze gebieden kilometers van elkaar gescheiden liggen. Zo is er het zomerbiotoop waar de soort een groot deel van het jaar voor­komt en het winterkwartier of overwinteringplaats waar de ongunstige jaarperiode slapend en vaak in groep wordt doorge­bracht. Tenslotte is er nog de voortplantingsplaats of broed­gebied dat onmiddellijk na de winterslaap wordt opgezocht.

In wat volgt gaat het voornamelijk over de trek van de Gewone pad naar zijn voortplantingsgebied.

Deze trek begint dus onmiddellijk na het ontwaken uit de winterslaap en bijna altijd naar het water waar de pad geboren werd. Tijdens de trek worden er reeds paren gevormd. De manne­tjes omklemmen met hun voorpoten de wijfjes onder de oksels en laten zich op de rug van de wijfjes naar het water dragen. De eigenlijke paring gebeurt in het water, vaak na enkele dagen of soms na één of twee weken. De eisnoeren worden bij gedeel­ten gelegd en uitwendig bevrucht. De snoeren met meer dan 2000 eitjes worden aan plantenstengels vastgehecht. Daarna trekken de volwassen dieren naar hun zomerbiotoop.

Na zowat drie maanden verlaten de jonge padden het water en verspreiden zich in de omgeving. Tijdens de trek naar de broedplaats en de terugtrek naar de zomerbiotoop moeten de padden in ons dichtbevolkte land meestal één of meerdere wegen oversteken. Hierbij komen vele dieren om.

top  home

  WANNEER TREKKEN ONZE PADDEN?

De heentrek (= de trek naar de voortplantingsplaats) is tussen half februari en eind april. Deze verloopt vrij opvallend vanwege het massale karakter ervan. Het hoogtepunt van deze trek ligt voornamelijk in een periode met positieve temperatu­ren (ongeveer 6°C) en een regenachtige weersgesteldheid. In sommige populaties trekken duizenden dieren tijdens geschikte nachten. Ook sommige andere amfibieën verplaatsen zich tijdens deze periode massaal.

De trekactiviteit en de aantallen worden in belangrijke mate beïnvloed door de weersomstandigheden en de inwendige biologi­sche klok. Vooral bij vochtige voorjaarsavonden, liefst met wat regen en een zachte temperatuur, komt de trek op gang.

De gewone pad trekt reeds bij 4°C. De voorkeurstemperatuur is echter 7°C tot 9°C. Volgt er een sterke temperatuursdaling, overigens niet ongewoon tijdens het voorjaar, dan stopt de trek en komt bij < 4°C volledig tot stilstand. Trekkende padden worden ook overdag waargenomen. Meestal is dit de achterhoede want de trek begint onmiddellijk na het invallen van de duisternis en duurt, afhankelijk van het weer, een hele nacht. De dieren vinden hun voortplantingsplaats o.a. op de geur van algen en slijk, typisch voor hun geboorteplaats.

De gewone pad trekt langzaam en wisselt stilzitten af met kleine verplaatsingen. Het oversteken van een verkeersweg kan ongewoon lang duren. Er zijn waarnemingen van 15 tot 20 minu­ten voor het oversteken van een 7 meter brede weg. Wordt een pad beschenen door autolampen, blijft ze vaak minutenlang stilzitten. Door dit gedrag kan er grote verkeerssterfte ontstaan.

(Bron: Een zetje voor een overzetje, Amfibieën- en reptielen­werkgroep van de Wielewaal.)

Determinatie gids

(bron: waarnemen en herkennen van amfibieen en reptielen in het veld, Een uitgave van Stichting Ravon)

Bruine kikker

tot 100 mm

kop

  • oogstreep
  • trommelvlies goed zichtbaar

achterpoot

  • kleine graafknobbel

Pupil

 

Groene kikker

90 tot 150 mm

kop

  • twee kwaakblazen
  • geen oogstreep
  • trommelvlies goed zichtbaar

achterpoot

Voorpoot mannetje

  • paarkussentjes
 

Pupil

Gewone Pad

  • wrattige huid
  • geen rugstreep
  • tot 110 mm

Kop

  • trommelvies goed zichtbaar

Achterpoot

  • forse zwemvliezen

Voorpoten mannetjes

  • paarkussentjes

 

Pupil

 

Boomkikker

  • oogstreep zijlijn
  • tot 45 mm

kop

  • oogstreep
  • trommelvlies goed zichtbaar

Achterpoot

  • met hechtschijfjes

Pupil

Kleine watersalamander

man

  • rug: bruin-geel
  • rugkam loopt door in staartkam
  • buik: orange-geel
  • tot 110 mm

vrouw

keel

  • gevlekt

cloaca

top  home

Kamsalamander

Man

  • rug: donker bruin-zwart
  • rugkam los van staartkam
  • tot 150 mm

Vrouw

Buik

  • geel met zwarte vlekken
top  home